"Ja, en…." als basis voor verkiezingsdebatten

Verkiezingen gaan over verschillen uitlichten tussen de standpunten van partijen. Dat is logisch want mensen moeten vooral hun voorkeur uitspreken over welke richting zij willen dat het op gaat in Nederland en dan helpt het dat de verschillen duidelijk zichtbaar zijn. Wat er echter de afgelopen verkiezingen te vaak is gebeurd is dat er alleen maar verschillen worden uitgelicht en er te weinig aandacht werd besteed aan het scheppen van een eerlijk verwachtingspatroon als het gaat om wat er gebeurd als de verkiezingen voorbij zijn. De afgelopen decennia zijn er coalities gevormd in bijna alle varianten en er zijn keuzes gemaakt die Nederland hebben gemaakt tot wat het nu is. En die keuzes zijn soms ook heel uitgesproken geweest, denk aan het huidige zorgstelsel wat een grote verandering was ten opzichte van het stelsel ervoor. Maar waar we niet genoeg bij stil staan is dat er meer hetzelfde is gebleven dan dat dat er is veranderd. Hoewel de grenzen bewegen is Nederland nog steeds een land wat in de kern op veel van dezelfde pijlers is gebouwd. Aan onze normen en waarden is niet zo veel veranderd.

Om die reden heb ik er een hekel aan als de voormannen en vrouwen van politiek partijen tijdens verkiezingen doen alsof Nederland 'naar de knoppen' gaat als het voorstel van een andere partij zou worden gerealiseerd. Natuurlijk zijn er voorstellen waar politieke partijen met recht op basis van hun overtuigingen zichzelf tegen moeten verzetten en luid en duidelijk moeten zijn over de gevolgen van een dergelijk voorstel (zoals zij dat zien). Echter, te vaak wordt er nul tijd besteed aan de elementen waar meerdere partijen het wel over eens zijn. Natuurlijk levert dat ook geen spetterend televisiedebat op en dat is ook de reden waarom televisie debatten gemiddeld gezien heel weinig toegevoegde waarde hebben.

Wat deze debatten vooral doen is het in stand houden van het huidige klimaat van doemdenken. Immers, elke partij zet de andere partij weg als idioterie en als dit of dat standpunt zou worden uitgevoerd, dan is het voorbij met Nederland….

Iedereen zou nu nog eens de debatten van 2012 terug moeten kijken om te zien wat voor een inhoudsloze scheldpartij dat was in plaats van een platform om Nederland beter te maken, want dat is wat verkiezingen horen te zijn!

Een herhaling van een campagne als in 2012 zou desastreus zijn in het huidige, broze politieke klimaat, en het laatste restje vertrouwen in de politiek doen afbrokkelen.

De eerste verantwoordelijkheid ligt bij de partijen zelf. Zij moeten vooral duidelijk zijn in hun standpunten maar juist ook actief zoeken naar bruggen met andere partijen om dingen voor elkaar te krijgen in plaats van het alleen maar vergroten van tegenstellingen. Dat laatste wekt de indruk op de kiezer dat er geen enkele gezamenlijke basis bestaat, dat Nederland uit elkaar dreigt te vallen, dat alle grond voor samenwerking weg is. En dat is simpelweg niet zo. We slagen er elke keer wel in een coalitie te vormen, om beleid te maken, om wetten voor te bereiden en te laten controleren en om uiteindelijk die wetten tot uitvoering te brengen. De democratie in Nederland werkt. Laten we nou eens met die constatering beginnen en een verkiezings-gesprek organiseren in plaats van een debat. Een gesprek op basis van een van de grondbeginselen van het improvisatietoneel: "Ja, en …". De regel is even simpel als effectief. Er wordt een situatie geschetst of een stelling voorgelegd en de twee lijsttrekkers mogen elkaar alleen maar aanvullen in plaats van tegenspreken. Klk hier voor meer over 'Ja, en...' (Engelstalig)

Groot gemaakt door een theatergezelschap uit Chicago wordt dit principe ook veel gebruikt in bedrijven om mensen constructiever samen te laten werken. Zou het niet mooi zijn als de lijsttrekkers van de Nederlandse partijen met elkaar in gesprek gaan met als gouden regel dat ze elkaar niet mogen tegenspreken. Alleen maar mogen voortborduren op wat de ander zegt om zo te zoeken naar waar de middenweg te vinden valt in de oer-Hollandse traditie van het polderen.

Laat de NPO of RTL ten minste één debat met de 'Ja, en…' regel als basis organiseren. Al is het alleen maar om te laten zien dat er meer overeenkomsten zijn dan verschillen. Dat er basis is voor samenwerking. Dat er vertrouwen kan ontstaan dat de politici na de verkiezingen op zoek zullen gaan naar wat goed is voor Nederland. 

Waarom een toekomst met minder werk tot een hechtere samenleving kan leiden

Gordon W. Allport (1954)  is de wetenschapper aan wie de contacthypothese wordt toegeschreven. In het kort komt het er op neer dat persoonlijk contact de meest effectieve manier is om vooroordelen weg te nemen. In een tijd waarin grote groepen in Nederland steeds verder uit elkaar komen te staan en de vooroordelen juist toenemen, lijkt mij dat een uitstekend iets om eens nader te bekijken.

Allport geeft een aantal criteria aan die nodig zijn om de contacthypothese te laten werken en groepen nader tot elkaar te laten komen. Een van de belangrijkste is een gezamenlijk doelDat is makkelijker gezegd dan gevonden. Hoe krijg je een groep witte, boze mensen met een gemiddeld inkomen en opleiding en een groep Nederlanders met een immigratie-achtergrond en een hoger inkomen en opleiding bijvoorbeeld tot overeenstemming te komen over een gezamenlijk doel? Of juist witte, hoogopgeleide grachtengordelaars met diezelfde witte, boze mensen met een gemiddeld inkomen en opleiding? Ik noem hier de groep witte, boze mensen bewust aangezien ik de indruk heb dat juist deze groep lastig in gesprek raakt met mensen met een andere mening. 

Een ander belangrijk ingrediënt is persoonlijk contact. Los van het gezamenlijk werken aan een gedeeld probleem in de groep is direct contact tussen de leden uit de verschillende groepen ook noodzakelijk. De ideale uitkomst is het herdefiniëren of helemaal ontkrachten van groepsdefinities die vooral gebaseerd zijn op vooroordelen en aannames zoals ‘alle asielzoekers zijn gelukszoekers’. Direct contact tussen mensen versnelt dit proces en dit is iets wat je kunt zien bij sportverenigingen enzovoort waar leden uit verschillende groepen zowel een gezamenlijk doel hebben (plezier beleven aan de sport en winnen) alsook persoonlijk contact (contact rondom trainen en wedstrijden).

De vraag is of we als samenleving actief genoeg op zoek gaan naar contacten met andere groepen om zo een beter beeld te krijgen van Nederland? De dienstplicht is al heel lang geleden afgeschaft maar zou een actief programma vanuit de overheid om hele diverse groepen samen te stellen die een gezamenlijk probleem voor Nederland proberen op te lossen een idee zijn? In de Verenigde Staten heb je jury-plicht en dat wordt door Amerikanen niet altijd als een welkome besteding van de tijd gezien maar men respecteert dat het een onderdeel is van het burgerschap.

Als we even iets verder vooruit kijken dan de problemen die we vandaag hebben rondom de polarisering van verschillende groepen dan is er een andere ontwikkeling (en sommigen zullen zeggen probleem) wat hier heel goed bij past. Met de toename van kunstmatige intelligentie en robotisering zal ‘werk’ er heel anders uitzien in de toekomst. Dit is een proces wat we nu al zien waarbij niet alleen banen voor laagopgeleiden worden overgenomen maar ook de traditionele hoger ingeschaalde beroepen als notarissen onder druk staan. Een mogelijke uitkomst is dat we met elkaar simpelweg minder gaan werken. De tijd die we daarmee overhouden zou heel goed te stoppen zijn in een programma om met een groep diverse mensen aan iets te werken waardoor vooroordelen verminderen en begrip ontstaat. Om zo tegelijkertijd Nederland vooruit te helpen met problemen als afval, milieu, educatie en noem maar op.

Ik kijk uit naar de eerste politieke partij die dit handen en voeten gaat geven en twee vliegen in een klap slaat.